Home > Innovatie > VWS-topambtenaar Erik Gerritsen: ‘Ik roep patiënten op tot guerrilla!’
Innovatie

VWS-topambtenaar Erik Gerritsen: ‘Ik roep patiënten op tot guerrilla!’


E-health maakt de gezondheidszorg beter. Wel jammer dat alle mensen die niet aan een e-health pilot mee doen, die goede zorg dus mislopen. Hoe lang pikken patiënten dat eigenlijk nog?

Als Erik Gerritsen, secretaris- generaal van het ministerie van VWS begint te praten over e-health, is hij bijna niet meer stoppen. Want er zijn zoveel voorbeelden van innovatieve zorg die de zelfredzaamheid vergroten en de regie bij de gebruiker leggen. “Zonder begeleiding naar buiten kunnen voor mensen met dementie, dankzij een GPS-systeem waarop verzorgers of naasten kunnen zien waar iemand is en waarvan ze een seintje krijgen als diegene te ver weg dwaalt. Dag en nacht kunnen beeldbellen met je COPD-verpleegkundige of ambulant begeleider. Dus níet alleen tijdens kantooruren, maar op alle momenten dat jij hulp nodig hebt. Van je apotheek een link naar een animatiefilmpje krijgen dat de bijsluiter van je nieuwe medicijnen uitlegt. In begrijpelijke taal en zo vaak je maar wilt”, noemt hij zomaar wat voorbeelden. “En nee, dat is niet te mooi om waar te zijn. Het bestaat allemaal al, het is door bevlogen mensen uitgetest en in de praktijk gebracht met aantoonbaar succes.”

Hoewel in de meeste gevallen uitgebreid wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit of uitkomst nog loopt of zelfs nog moet beginnen, zijn er al veel ervaringsgegevens en cliënten-tevredenheidsonderzoek. Met de uitkomsten daarvan is Gerritsen in zijn nopjes. “Je ziet dat zulke zorginnovaties leiden tot een betere gezondheid, meer tevreden patiënten, meer kwaliteit van leven, een gezondere leefstijl, hogere therapie-trouw, meer zelfredzaamheid en minder onnodige zorg.” Betere en effectievere zorg dus, die patiëntvriendelijker en goedkoper is dan de huidige zorg. Waarom is deze geweldige zorg dan nog niet beschikbaar voor iedereen in Nederland?

CEO van je eigen gezondheid

Dat is deels een kwestie van geduld. E-health is wel degelijk aan het groeien. Wat eerst een serie individuele succesjes was, ‘een marginale onderstroom van leuke proeftuintjes aan de randen van het systeem’, is nu een aanzwellende onderstroom. Maar reguliere zorg is het nog niet. Gerritsen: “Nu moeten we opschalen, en dat is geen technisch probleem, maar een veranderkundige opgave.”

Op het eerste gezicht lijkt alles te draaien om de financiering. Beeldbellen leidt niet alleen tot betere zorg, maar ook tot minder opnames en dus minder omzet voor het ziekenhuis. En voordat de thuiszorg kan besparen op huisbezoeken, moet er geïnvesteerd worden in een callcenter vol hbo-plussers en in tablets voor bij de cliënten thuis. Wie gaat dat allemaal betalen?

De rol van het ministerie is beperkt nu verzekeraars en gemeenten verantwoordelijk zijn. Gerritsen: “We hebben dat wel wat van ons af georganiseerd, ja. Wat wij wél kunnen is belemmeringen wegnemen. Er kan al heel veel binnen de bestaande regels, bijvoorbeeld via shared savings en meerjarenafspraken: eerst het samen delen van de kosten en later ook van de opbrengsten. Maar soms moeten de regels inderdaad veranderen. Een zorgverlener kan al wel digitale contacten declareren, maar het eerste contact moet nog steeds face-to-face zijn en online monitoring wordt nog helemaal niet vergoed. Dus dat zijn we structureel aan het veranderen in de regelgeving.”

VWS werkt via het Informatieberaad waar Gerritsen voorzitter van is, ook hard mee aan de ontwikkeling van MedMij, een
set technische standaardisatie-afspraken waarmee de systemen van zorgaanbieders over drie á vier jaar gegevens kunnen uitwisselen met elke MedMij-gecertificeerde app waarin een patiënt zelf zijn gegevens bijhoudt. Dat is nu technisch nog niet mogelijk. “Je hebt er recht op dat ze het voor je uitprinten, maar het is onbegonnen werk om een totaaloverzicht te krijgen”, zegt Gerritsen. “Laat staan om er zelf iets aan toe te voegen. Als je de gebruiker centraal wilt stellen, wij noemen dat ‘de patiënt CEO van zijn eigen gezondheid’, dan moet die om te beginnen bij zijn eigen gegevens kunnen. Over drie
jaar bepaal jij als patiënt met wie jij die gegevens deelt of voor welke wetenschappelijke doeleinden je je gegevens beschik- baar stelt. Dat is echt een paradigmaverandering.”

De patiënt in actie

Ook als de financiering uitgevogeld is, blijft het breed uitrollen van e-health weerbarstig. Het zou helpen als patiënten die willen profiteren van de mogelijkheden van e-health en automatisering, zelf in actie komen. Gerritsen: “Een guerrilla van patiënten, dat hebben we nodig! Ik hunker naar de eerste patiënt die bereid is op de voorpagina van de Telegraaf te verklaren dat ze van huisarts is veranderd omdat de vorige geen digitale consulten deed. Ik roep alle patiënten op om tegen hun huisartsen en ziekenhuizen te zeggen: Ik wil niet meer zeven keer per jaar onnodig naar het ziekenhuis, inclusief uren in de file en in de wachtkamer, voor een controlegesprekje van vijf minuten dat ook via beeldbellen had gekund. En ik wil een huisarts die digi-consulten aanbiedt, want anders moet ik vrij nemen en dat kost me weer een halve dag. Wij blijven er bij VWS natuurlijk ook aan sleuren, maar veranderen gaat sneller als patiënten het zelf ook niet meer pikken.”

 

Het barst in Nederland van de interessante e-health-initiatieven. Als patiënt of cliënt of gebruiker kun je de mazzel hebben om aan een pilot mee te doen en de nieuwste snufjes op het gebied van zorg-ICT te mogen uitproberen. Maar wanneer worden al die succesvolle e-health-toepassingen reguliere zorg? Hieronder drie initiatieven die daarvoor alles in huis hebben: ze zijn technisch uitvoerbaar, de zorg wordt er beter door, de meeste patiënten zijn tevreden. Toch zijn deze diensten nog niet standaard en landelijk beschikbaar, omdat zorgaanbieders en gemeenten er nog niet aan willen.

1. Kijksluiter van Zorganimaties : Animatievideo’s als medicijnbijsluiters

Kosten: 700-1000 euro per jaar per zorgaanbieder. Zorgaanbieders kunnen een abonnement nemen voor hun cliënten.

Beschikbaarheid: sinds 1 januari 2017 zijn ruim 1200 Kijksluiters beschikbaar voor de klanten van 300 apotheken, waarmee 95 procent van de eerste uit- giftes is afgedekt.

Doelgroep: mensen die de bijsluiter van hun geneesmiddel niet goed begrijpen; 80 procent van alle geneesmiddelengebruikers. Ook in het Engels, Turks en Arabisch.

Huidig gebruik: 17 procent van de apotheken in Nederland.

Effectiviteit: wetenschappelijk onderzoek naar gebruik, gedragsverandering en uitkomstmaten is in voorbereiding.

Opschalingsprobleem: de zorgaanbieder krijgt het Kijksluiter-abonnement niet vergoed van de zorgverzekeraar.

Hoe kom je in actie? Vraag je zorgaanbieder naar de Kijksluiter of koop zelf de betaalde mobiele Kijksluiter-app.

2. DigiContact van Philadelphia : 24/7 ambulante begeleiding via beeldbellen

Beschikbaar voor: cliënten van Philadelphia

Opleidingsniveau zorgverleners: hbo-plus

Kosten: uurprijs is hoger dan bij begeleiding aan huis.

Beschikbaarheid: onderdeel van de reguliere zorgverlening

Doelgroep: mensen met een verstandelijke beperking

Gebruik: 800 regelmatige gebruikers, 4500 incidentele gebruikers. Effectiviteit: proefondervindelijk onderbouwd

Opschalingsprobleem: veel gemeenten willen de hogere uurprijs niet betalen, ondanks de grotere effectiviteit.

Hoe kom je in actie? Vraag de gemeente of de zorgaanbieder om 24/7 DigiContact.

3. COPD InBeeld : Zelfmonitoring via app en 24/7 beeldbellen

Financiering: de komende drie jaar vergoed door Menzis.

Doelgroep: circa 400 COPD-patiënten van het Slingeland Ziekenhuis. In samenwerking met thuiszorgorganisatie Sensire, het Medisch Service Centrum, Focus Cura en Menzis.

Effectiviteit: 26 procent minder bezoek aan de spoedeisende hulp en 28 procent minder ligdagen.

Opschalingsprobleem: bij ketensamenwerking tussen de eerste en tweede lijn, zijn verschillende financieringen doorgaans het probleem. Dat is opgelost door de afspraak met Menzis.

Hoe kom je in actie? Neem contact op met het Medisch Service Centrum van Sensire, dat is ook bezig een variant voor particulieren te ontwikkelen.

_Dit artikel is ook gepubliceerd in iBestuur_